Zondag 26 april stond de ochtenddienst de tweede dienst van 11.00 uur volledig in het teken van de doop. Acht dopelingen – Jarno, Cora, Nadine, Gerlinde, Anne, Judy, Tijmen en Arthur – gaven in een volle zaal en via de livestream getuigenis van hun geloof in Jezus Christus. Het werd een feestelijke en tegelijk persoonlijke dienst, waarin verhalen, aanbidding en de doop samenkwamen.
De dienst begon om 11.00 uur met een welkom door oudste Marcus Potters. Hij benadrukte het bijzondere karakter van de ochtend: een doopdienst waarin acht mensen hun geloof publiek belijden. In zijn gebed dankte hij God voor het werk in hun levens en bad hij om een gezegende dienst. Na de collecte leidde Julia Klok de gemeente in aanbidding.
Lees verder onder de foto!

Wat belet mij?
Na de samenzang nam Jacob Klok het woord. In zijn preek stond één oproep centraal: “Volg Mij.” Hij liet zien dat deze woorden van Jezus niet alleen gaan over navolging, maar ook over genade. Jezus roept mensen niet omdat ze perfect zijn, maar juist ondanks hun falen. Vanuit Kolossenzen 2 en Handelingen 8 legde hij uit wat de doop betekent: het oude leven begraven en opstaan in een nieuw leven met Christus. De doop is geen ritueel op zichzelf, maar een zichtbaar antwoord op wat God al in het hart heeft gedaan. Zoals de kamerheer in Handelingen vraagt: “Wat verhindert mij om gedoopt te worden?” – zo riep Jacob de aanwezigen op om diezelfde vraag persoonlijk te overwegen.
Getuigenissen die raken
Na de preek kwamen de dopelingen één voor één naar voren om hun verhaal te delen. De getuigenissen waren heel verschillend, maar hadden één duidelijke lijn: God is trouw en persoonlijk betrokken. Er werd gesproken over zoeken en vinden, over angst die plaatsmaakt voor vertrouwen, over een geloof dat van hoofd naar hart groeit. Sommigen waren gelovig opgevoed, anderen kwamen pas later in aanraking met het geloof. Maar allemaal spraken ze over een bewuste keuze om Jezus te volgen.
Jezus volgen
Na de getuigenissen volgde het hoogtepunt van de dienst: de doop. Eén voor één werden de dopelingen in het doopbad gedoopt in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Bij ieder van hen werd een persoonlijke bijbeltekst meegegeven. De doop maakte zichtbaar wat eerder werd uitgesproken: het oude leven achterlaten en opstaan in een nieuw leven met Christus. Een volle zaal aanwezigen van gemeenteleden, familie en andere gasten keken toe. Na het dopen werd de dienst voortgezet met nog enkele liederen, waaronder “Toon mij Uw glorie”. Na afloop werden de dopelingen nog gefeliciteerd en konden aanwezigen nog wat blijven drinken en napraten. Het werd een ochtend waarin niet alleen acht mensen een stap zetten, maar waarin de hele gemeente werd bepaald bij de vraag: wat betekent het om Jezus te volgen?

